Leegstaande woningen en gebouwen

De gemeente is bevoegd voor de opmaak en de jaarlijkse actualisatie van het gemeentelijk leegstandsregister.

Een gebouw wordt als leegstaand beschouwd indien meer dan de helft van de totale vloeroppervlakte niet overeenkomstig de functie van het gebouw wordt aangewend gedurende een termijn van tenminste 12 opeenvolgende maanden. Daarbij houden we geen rekening met woningen die deel uitmaken van het gebouw.

Een woning wordt verder als leegstaand beschouwd wanneer zij gedurende een termijn van tenminste 12 opeenvolgende maanden niet aangewend wordt in overeenstemming met de woonfunctie, met andere woorden als de woning niet wordt bewoond.

Nieuwbouwwoningen of nieuwe gebouwen worden als leegstaand beschouwd indien dit gebouw of die woning binnen zeven jaar na de afgifte van een omgevingsvergunning in de laatste administratieve aanleg niet wordt aangewend overeenkomstig de functie ervan.

Gebouwen kleiner dan 500m² en woningen (ongeacht hun grootte) die minstens 1 jaar leeg staan of niet in gebruik zijn als hoofdverblijfplaats, komen op het leegstandsregister terecht. De leegstand van een woning of gebouw wordt objectief vastgesteld door de gemeente die hiervoor beroep doet op de technisch medewerker van de intergemeentelijke samenwerking Beter Wonen. Deze vaststelling wordt geformaliseerd in een administratieve akte, die aan de eigenaars van de woning of het gebouw wordt toegestuurd.

Je hebt als eigenaar een maand de tijd om beroep aan te tekenen tegen de opname opname in het gemeentelijk leegstandsregister Als een pand een volledig jaar in het leegstandsregister is opgenomen, moet de eigenaar een  leegstandsheffing betalen, die jaarlijks opnieuw wordt geheven totdat het pand uit het gemeentelijk register is geschrapt. Er zijn hierop enkele vrijstellingen die je als eigenaar kan aanvragen (vb. in geval van eigenaars die in een rusthuis verblijven, dat de woning gerenoveerd wordt of de leegstaande toestand is te wijten aan een plotse ramp…)

Om een pand uit het register te laten schrappen, moet de eigenaar zelf een verzoek tot schrapping richten aan de gemeente. Hij moet dan kunnen bewijzen dat het pand opnieuw in gebruik werd genomen voor een periode van minstens 6 opeenvolgende maanden, van functie wijzigde (via een omgevingsvergunning) of gesloopt is.
Let wel, woningen die op de inventaris staan komen in aanmerking voor het recht van voorkoop. 

Voor leegstaande en verwaarloosde bedrijfsruimten groter dan 5 are heeft de Vlaamse regering een afzonderlijke regelgeving uitgewerkt: het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten. Meer info vind je via deze link.

Indien u vragen heeft over leegstand, kan u terecht bij de dienst Huisvesting.
Het gemeentelijk reglement houdende de registratie van leegstaande woningen en gebouwen, alsook het belastingreglement leegstand kan u terug vinden via deze link.